Met deze werkvorm doen kinderen ideeën op door de placematmethode.
Verloop
1. De kinderen krijgen in groepjes van 4 een blad met vier kaders. De kinderen krijgen de opdracht om per leerling in een kader hun ideeën over het onderwerp te noteren.
2. De kinderen overlopen in groepjes welke elementen ze gemeenschappelijk hebben of ze zeker willen meenemen. Deze elementen noteren ze in het midden van het blad.
3. De ideeën worden klassikaal besproken. Daarna worden ze gegroepeerd op basis van gemeenschappelijke kenmerken. Gemeenschappelijke kenmerken worden ‘vastgezet’ in een visuele mindmap (bv. bij het thema feest: eten, decoratie, muziek, …).
Alternatieven
Omgekeerde bingo
1. De kinderen krijgen een blad met kaders (bv. 3 x 3 vakjes) en krijgen de opdracht om over hun thema na te denken. Ze krijgen de opdracht om zoveel mogelijk 'unieke' elementen te bedenken en noteren deze op het blad.
2. De bladeren worden klassikaal overlopen. Als een ander kind hetzelfde idee heeft, wordt het vakje doorstreept. De kinderen proberen zoveel mogelijk vakjes te behouden.
3. De overgebleven ideeën worden gegroepeerd op basis van gemeenschappelijke kenmerken. Gemeenschappelijke kenmerken worden ‘vastgezet’ in een visuele mindmap (bv. bij het thema feest: eten, decoratie, muziek, …).
Bron: de ambrassade
Nadat de leerlingen de werkvorm 'Halve foto' toepasten, schreven en tekenden ze in groep die ideeën voor een afsluitfeest op een placemat. De placemat werd om de zoveel tijd gedraaid waardoor elk deel van de placemat werd aangevuld met associaties van de verschillende ideeën. Nadat enkele criteria voor de activiteiten op het afsluitfeest werden vastgelegd, werd in het midden een top 3 genoteerd.